search

Zoeken binnen deze website

Snelzoeken

/afbeelding/pvda_fractie_225572

Statenontmoeting: Breedband op het platteland

De Ontvangstzaal in het provinciehuis zat vol op woensdag 6 november 2013. Niet alleen Statenleden, maar ook veel belangstellenden vanuit andere hoeken waren aanwezig bij de Statenontmoeting met als onderwerp: breedband op het platteland. Zo bevonden zich onder de gasten onder andere medewerkers van Stamm, BOKD en Ziggo.

Met de Statenontmoetingen hebben de aanwezigen meer te horen gekregen over de wens en de mogelijkheden - zowel op organisatorisch als financieel gebied- om breedband op het Drentse platteland te realiseren. De centrale vraag die hierbij gesteld werd, was: 'Wat zou de rol van de provincie hierbij moeten zijn?' Een vijftal sprekers heeft antwoord gegeven op deze vraag.

R. Brennenraedts - onderzoeker Dialogic

Het bureau Dialogic heeft eerder dit jaar in opdracht van Gedeputeerde Staten onderzoek gedaan naar breedband in de zogenoemde witte gebieden in Drenthe: "Businessmodellen en financiering van NGA in wit gebied in Drenthe". Witte gebieden zijn gebieden waar geen breedbandinfrastructuur bestaat of waar particuliere investeerders niet van plan zijn binnen drie jaar deze infrastructuur aan te leggen. Ruim 20.000 Drentse huishoudens (9%) en bijna 2.500 bedrijven (10%) zijn gevestigd in een wit gebied. In de presentatie beschrijft de heer Brennenraedts de organisatie- en financieringsvormen voor breedband, die geïnventariseerd zijn in het onderzoek.

"Is er onder de inwoners eigenlijk wel behoefte aan breedband of kunnen we beter wachten totdat er overal in Drenthe 5G beschikbaar is?" vraagt een Statenlid. De heer Brennenraedts geeft aan dat 'ondergronds' over het algemeen beter is dan 'bovengronds'. De kwaliteit van draadloze opties is vaak minder dan bij vaste lijnen, zeker als het gaat om het uploaden en downloaden van grote bestanden en toepassingen als Skype. De noodzaak voor goede verbindingen is hoog, zo gaat Brennenraedts verder. De vraag groeit met 30 tot 40% per jaar, terwijl het aanbod niet of nauwelijks verder kan groeien.

E. Blansjaar - Consultant telecommunicatie

Kleine kernen, bedrijven, scholen en woningen in het buitengebied zullen niet aangesloten worden op sneller internet, omdat dit niet rendabel is voor de grote aanbieders. Er is echter een nieuw geluid te horen, stelt de heer Blansjaar: bewoners nemen steeds vaker zelf het initiatief bij het realiseren van breedband in de vorm van coöperaties of stichtingen. Aandachtspunt hierbij is ondersteuning, kennis en draagvlak. Het is volgens de heer Blansjaar vaak een zoektocht naar vraagbundeling en de financieringsmogelijkheden.

R. Ferwerda - voorzitter Eco-Oostermoer

Een Drents voorbeeld van zo'n bewonersinitiatief is de coöperatie Eco-Oostermoer. De heer Ferwerda houdt een inleiding over dit initiatief dat gebruik wil maken van een breedbandnetwerk met een open structuur (OpenNet). Concreet betekent dit dat iedereen kan kiezen uit telecomdiensten die door de verschillende bedrijven worden aangeboden. Doordat naast de kleine kernen en de afgelegen huizen ook de grotere kernen (bijvoorbeeld bedrijventerreinen) benaderd worden om mee te doen, kunnen de aansluitkosten fors naar beneden. De heer Ferweda eindigt zijn presentatie met de toepasselijke zin van een Chinese geleerde "Een lange reis begint met de eerste stap".

C. Ruhé - bestuurslid LTO Noord

Wat de consequenties zijn van zeer traag of helemaal geen internet voor de agrarische sector vertelt de heer Ruhé. Boeren kunnen hun bedrijf niet goed runnen, omdat ook daar steeds meer geautomatiseerd wordt. Zo verloopt de in- en verkoop steeds meer via internet, zijn er problemen met online boekhouden en kan niet online vergaderd worden. Ook zijn er steeds meer onlinetoepassingen voor het daadwerkelijk runnen van een agrarisch bedrijf beschikbaar (te denken valt aan luchtwassers, voersystemen en klimaatregelingen).

Aan de heer Ruhé wordt gevraagd of boeren bereid zijn de investering van 3.000 euro te doen (aansluitkosten van breedband in het buitengebied) en of ze bereid zijn samen te werken met anderen in de omgeving. Zijn antwoord hierop is bevestigend, maar benadrukt de voorwaarde dat buurtbewoners deze investering ook moeten willen doen. En dat is juist de vraag. Meneer Ruhé geeft aan dat de provincie vooral bij de vraagbundeling een faciliterende rol zou kunnen spelen.

W. Hinsen - accountmanager Landal Greenparks

Bijna 10% van Drenthe bevindt zich in 'wit gebied'. De witte gebieden zijn vooral plattelandsgebieden met een laag bevolkingsaantal, bij uitstek de geschikte locaties voor campings, bungalowparken e.d. De heer Hinsen geeft aan dat snel internet voor de toeristische sector van cruciaal belang is. Men wil tegenwoordig de vakantiebelevenissen direct online delen op Facebook en Twitter en daarnaast email checken of wellicht nog wat werken. Internet is een voorwaarde geworden bij het kiezen van een vakantieaccommodatie. Landalparken bestaan uit individuele eigenaars, die zich allen bewust zijn van de noodzaak en daarom de investering in snel internet willen doen. De heer Hinsen geeft, net als de heer Ruhé aan graag bereid te zijn samen te werken met bewoners en andere bedrijven. Daarbij geeft ook hij aan dat het lastig is te komen tot vraagbundeling. Omdat dit veel tijd kost en de aanpak onbekend is, is in sommige Landalparken al sneller internet gerealiseerd zonder deze vraagbundeling.

gerelateerde documenten

    Fatal error: Call to undefined method FilePublication::getType() in /usr/lib/common/php/plexus/2.12-stable/php/5.3/cache/relateddoclist_xml_a62094a8b25498b1376907da918388c3_1453105823.php(91) : eval()'d code on line 43